cameratoezicht

Tegenwoordig is toezicht, en met name cameratoezicht, een belangrijk instrument om onze veiligheid te waarborgen. Het wordt veelvuldig gebruikt op straat, in winkels of op andere openbare locaties. Maar mag cameratoezicht ook gebruikt worden om werknemers in de gaten te houden? Deze vraag werd voorgelegd aan de rechtbank Rotterdam. Allereerst een kort wettelijk kader.

 

Technische hulpmiddelen

In het wetboek van Strafrecht (Sr) is een bepaling opgenomen over het gebruik van camera’s en andere technische hulpmiddelen. In de artikelen 139f en 441b Sr is opgenomen dat het verboden is om door middel van een technisch hulpmiddel waarvan de aanwezigheid niet op duidelijke wijze kenbaar is gemaakt, opzettelijk en wederrechtelijk van een persoon, aanwezig in een woning of op een andere niet voor het publiek toegankelijke plaats, een afbeelding te vervaardigen.

Met dit technisch hulpmiddel wordt, volgens de parlementaire geschiedenis, bedoeld een foto-, film- of televisiecamera. Het is niet alleen verboden om op openbare plaatsen dergelijke afbeeldingen te vervaardingen, maar ook het heimelijk maken van een afbeelding van een persoon in een tuin of op een besloten erf is strafbaar.

In het arbeidsrecht is geen bepaling opgenomen over het al dan niet heimelijk filmen van werknemers. Wellicht is een en ander af te leiden uit het goed werkgeverschap, genoemd in artikel 7:613 BW, maar hier is nog geen duidelijkheid over verschaft.

 

De kwestie

Werkgever is een aanbieder in de zorgsector en zij levert verschillende diensten op de zorgmarkt zoals ziekenhuiszorg, woonzorg, verpleeghuiszorg, thuiszorg, maatschappelijk werk, jeugdgezondheidszorg en kraamzorg.
De afgelopen jaren heeft werkgever tevergeefs getracht te achterhalen wie er achter de diefstallen zat, die met enig regelmaat plaatsvonden op een bepaalde afdeling van het verpleeghuis waar werkneemster werkte. Deze diefstallen hebben voor erg veel onrust gezorgd. Er zijn extra veiligheidsrondes gelopen, er is een wijkagent ingeschakeld en de werkgever is de dialoog over de diefstallen aangegaan met haar medewerkers. Desondanks is het niet gelukt de diefstallen op te lossen dan wel te laten stoppen.

Als gevolg hiervan heeft werkgever een aantal verborgen camera’s laten ophangen, zonder hierover de werknemers in te lichten. Vervolgens is op basis van de camerabeelden vast komen te staan dat de werkneemster de diefstallen heeft begaan, waarna zij op staande voet is ontslagen.

Werkneemster heeft niet alleen het ontslag op staande voet aangevochten voor de rechtbank te Rotterdam, ook haar recht op privacy kwam ter sprake. Voor meer informatie over het ontslag op staande voet verwijs ik naar mijn vorige blog, waarin het belang van het bestaan van een dringende reden een grote rol speelt.

 

Privacy op de werkvloer

Cameratoezicht op het werk kan de werkgever helpen om diefstallen door werknemers op te sporen, maar de inbreuk op de privacy van de werknemers is daarmee ook erg groot. Volgens de werkneemster heeft werkgever namelijk onvoldoende getracht eerst op andere wijze de problematiek te lijf te gaan, zodat de inzet van camera’s voorbarig was en de beelden onrechtmatig verkregen zijn.

Zoals hiervoor omschreven, op grond van het wetboek van Strafrecht is het heimelijk filmen en daarmee vervaardigen van afbeeldingen verboden. Toch oordeelt de rechter in dit geval anders:

 

Hoewel de inzet van verborgen camera’s op de werkplek in strijd is met artikel 139f van het Wetboek van Strafrecht mocht Rivas toch hiertoe overgaan. Voldoende is namelijk komen vast te staan dat zij op geen andere wijze de waarheid boven tafel kon krijgen en het belang van de waarheidsvinding weegt in deze zwaarder dan het belang van bewijsuitsluiting is.

 

Bij het gebruik van cameratoezicht is het dus van belang om de juiste regels te hanteren. De inzet van camera’s op de werkplek valt onder de reikwijdte van de Wet bescherming persoonsgegevens. Op grond van deze wet kan worden vastgesteld wanneer de inzet van verborgen camera’s redelijk is. Behalve de oplegging van een boete of vordering van een schadevergoeding, zou een rechter namelijk ook kunnen oordelen dat door het niet in acht nemen van deze regels sprake is van onrechtmatig verkregen bewijs en dit vervolgens buiten beschouwing laten in een procedure. Hiermee kan een zaak zomaar een andere wending krijgen.

 

Voor vragen over dit onderwerp, neem gerust contact op of laat hieronder een reactie achter.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *