geheimhoudingsbeding

Geregeld neemt een werkgever een geheimhoudingsbeding op in de arbeidsovereenkomst om te regelen dat werknemers geen vertrouwelijke informatie verspreiden. In de wet is niets geregeld over een dergelijk beding, zodat partijen een grote mate van contractsvrijheid kennen. Het beding is niet bedoeld om een medewerker ervan te weerhouden om in dienst te treden bij een concurrerend bedrijf, zoals bij een concurrentiebeding geldt. Enkel het verstrekken van informatie wordt beperkt.

Ook zonder contractueel geheimhoudingsbeding heeft de werknemer een geheimhoudingsplicht tegenover zijn werkgever. Deze plicht geldt zowel gedurende als na het einde van het dienstverband.  Dit vloeit voort uit de eisen van goed werknemerschap, geregeld in artikel 7:613 BW.

 

Wanprestatie en boetebeding

Een werkgever kan er groot belang bij hebben dat de medewerker geen vertrouwelijke informatie aan derden verstrekt. Gaat een medewerker er toe over om dergelijke informatie aan derden te geven, dan kan dat gezien worden als wanprestatie (artikel 6:74 BW), omdat hij zijn verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst niet nakomt.

Dit geldt zowel voor gebeurtenissen tijdens de duur van de arbeidsovereenkomst, als na het beëindigen van het arbeidscontract. Een werkgever kan de geleden schade op de medewerker verhalen.

 

Naast de wettelijke schadevergoeding is het mogelijk om een boetebeding op te nemen in het arbeidscontract. Indien niet wordt gehouden aan het geheimhoudingsbeding (of andere bedingen) dan kan de opgenomen boete worden opgelegd.

 

Schenden geheimhoudingsbeding?

Het gerechtshof te Den Haag heeft zich, nadat de werknemer hoger beroep heeft ingesteld, over de volgende kwestie mogen buigen. Een internationale onderneming, die zich bezig houdt met de productie en distributies van diverse gespecialiseerde (machine)onderdelen, heeft in 2008 een werknemer in dienst genomen. De arbeidsovereenkomst bevatte onder meer een concurrentiebeding, een relatiebeding en een geheimhoudingsbeding. Tevens bevatte de arbeidsovereenkomst een boetebeding.

Het geheimhoudingsbeding luidde als volgt:

 

De werknemer zal tegenover derden, daaronder begrepen personeel van de werkgever, tijdens en na de dienstbetrekking strikte geheimhouding betrachten omtrent alles wat bij de uitoefening van zijn functie ter zijner kennis komt in verband met zaken en belangen van de werkgever. Deze geheimhoudingsverplichting omvat eveneens alle gegevens, waarvan de werknemer uit hoofde van zijn functie van cliënten of andere relaties van de werknemer kennis neemt.

 

In februari 2016 neemt de werknemer ontslag. Na ontslagname heeft de werknemer vanuit het kantoor diverse prijslijsten, een bouwtekening, een offerte, een orderbevestiging en een elektronische prijzencalculator voor afdichtingen van draaiende onderdelen (oliekeringen) naar zijm privé-e-mail gezonden.

 

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter heeft in deze kwestie de werknemer veroordeeld tot betaling van de boete die is gekoppeld aan de schending van het geheimhoudingsbeding. De kantonrechter heeft overwogen dat het beding betrekking heeft op alles wat de werknemer bij de uitoefening van zijn functie ter kennis komt in verband met de zaken en belangen van de werkgever, zodat ook de documenten die de werknemer aan zichzelf heeft toegezonden, daaronder vallen.

De werknemer is bij de kantonrechter in het ongelijk gesteld en heeft daartegen hoger beroep aangetekend.

 

Hoger beroep

Volgens de werknemer is inderdaad bedrijfsinformatie naar zijm persoonlijke e-mailadres gestuurd. Het ging echter niet om bedrijfsgevoelige informatie, maar om informatie die voor alle medewerkers beschikbaar was. Hij heeft de informatie niet aan anderen doorgestuurd en is ook niet van plan dat in de toekomst te doen.

De werkgever gaat ervan uit dat de werknemer deze informatie naar zichzelf heeft verstuurd met het oogmerk deze informatie met derden te delen. Voor concurrenten is de elektronische prijzencalculator zeer interessant, omdat hiermee gemakkelijk kan worden uitgerekend welke prijzen de werkgever voor bepaalde producten in rekening brengt. Maar ook voor andere informatie geldt dat deze een vertrouwelijk karakter heeft.

Daarnaast is de werkgever van mening dat het enkele feit dat de werknemer de informatie naar zijm privé e-mailadres stuurt, betekent dat hij het geheimhoudingsbeding heeft overtreden.

 

Bewijslast werkgever

Volgens het Gerechtshof rust de bewijslast dat de werknemer de e-mail naar derden heeft doorgestuurd op de werkgever. Nu er geen aanknopingspunten zijn dat de e-mail naar derden heeft verzonden en de werkgever ter zake ook geen bewijsaanbod heeft gedaan, moet worden aangenomen dat de mededeling van de werknemer juist is.

Het hof verwerpt de stelling dat werknemer het geheimhoudingsbeding reeds heeft overtreden doordat zij de bedrijfsinformatie aan zijn privé e-mailadres heeft toegezonden. Door het beding strikt te lezen, kan geconcludeerd worden dat de werknemer enkel verplicht is tot geheimhouding jegens derden. De werknemer is niet als derde te beschouwen.

De in het procesdossier opgenomen bedrijfsinformatie is naar het oordeel van het hof voor een derde niet zonder meer begrijpelijk. Als voorbeeld wordt een overzicht van debiteuren en crediteuren genoemd, welk overzicht voor een derde niet inzichtelijk is zonder ook bekend te zijn met achterliggende informatie.

Het hof is dan ook van oordeel dat de werknemer het geheimhoudingsbeding niet heeft overtreden. Als gevolg hiervan wordt de beschikking van de kantonrechter vernietigd en is de werknemer niet langer gehouden de boete te voldoen.

 

Voor vragen over dit onderwerp, neem gerust contact op of laat hieronder een reactie achter.

2 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *