geheimhouding

Op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) wordt duidelijk dat medische gegevens worden aangemerkt als zogeheten bijzondere persoonsgegevens. En dat organisaties deze gegevens alleen mogen gebruiken als aan bijzondere voorwaarden wordt voldaan. Het gaat hierbij niet alleen om medische gegevens die artsen vaststellen en vastleggen, maar om alle gegevens over iemands lichamelijke of geestelijke gezondheid. De geheimhoudingsplicht die voor dergelijke gegevens geldt, ook wel de medische geheimhouding genoemd, houdt in dat de medische gegevens van een patiënt niet aan anderen mogen worden verstrekt, mits de Wbp er een gegronde basis voor biedt.

 

Tuchtrecht

Het tuchtrecht is bedoeld om de kwaliteit in een bepaalde sector op niveau te houden. Indien men van mening is dat, bijvoorbeeld een advocaat, zijn werkzaamheden niet op een juiste manier heeft verricht, dan kan een klacht tegen diegene worden ingediend. De raad van discipline is de tuchtrechter. Deze kan advocaten die zich niet aan de regels hebben gehouden vijf verschillende maatregelen opleggen: een waarschuwing, een berisping, een geldboete, een schorsing in de beroepsuitoefening en schrapping als advocaat. Deze maatregelen zijn gericht tegen de advocaat. De raad van discipline kan in principe geen schadevergoeding vaststellen. Hiervoor dient men een procedure te starten bij de civiele rechter.

In twee zaken heeft de tuchtrechter zich uitgelaten over deze medische geheimhouding voor advocaten. Mag een advocaat zomaar stukken uit een medisch dossier als productie in het proces overleggen?

 

Tuchtrechter Amsterdam, 19 mei 2015

In deze kwestie mocht de Amsterdamse tuchtrechter een oordeel geven over een klacht die was ingediend, door klager, tegen een advocaat, verweerster. Verweerster heeft als advocaat opgetreden van de ex-echtgenote van klager. In het verweerschrift werd namelijk als productie een GGZ diagnose en behandelplan van klager overgelegd. Het ging met name over de omgangsregeling en de verblijfplaats van de tweeling van klager en zijn ex-echtgenote. In het verzoekschrift heeft de man verzocht dat de tweeling aan hem zou worden toevertrouwd. De vrouw heeft in het verweerschrift een aantal argumenten aangedragen waaruit zou volgen dat klager hiertoe niet in staat was.

De klacht die de man heeft ingediend, houdt in dat verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld doordat zij het medisch dossier van klager in een procedure als productie heeft ingebracht. Daarnaast was het medisch dossier gestolen. Klager meent dat verweerster behoort te weten dat dit dossier onder het medisch geheim valt en niet in een procedure ingebracht had mogen worden. Verweerster voert hiertegen aan dat zij het dossier niet op eigen initiatief heeft ingebracht, maar op verzoek van haar cliënte, de ex-echtgenote van klager.

De tuchtrechter oordeelde dat een advocaat een ruime mate van vrijheid geniet om de belangen van zijn cliënt te behartigen. Deze vrijheid is niet absoluut en kan beperkt worden.

 

De raad stelt bij de beoordeling van deze klacht voorop dat het verweerster een eigen verantwoordelijkheid heeft en een eigen afweging had moeten maken bij het overleggen van de medische stukken van klager. Zij had zich hierbij moeten realiseren dat dit om stukken ging die onder het medisch beroepsgeheim vielen; zij had moeten onderzoeken op welke wijze haar cliënte aan deze stukken was gekomen.

 

De tuchtrechter te Amsterdam heeft deze klacht gegrond verklaard en de advocaat een waarschuwing gegeven.

 

Tuchtrechter Rotterdam, 13 juni 2016

De tuchtrechter te Rotterdam heeft ook een oordeel gegeven over het handelen van een advocaat in combinatie met de medische geheimhouding. De klacht betreft het handelen van verweerder in zijn hoedanigheid van advocaat van de wederpartij van klager.

Verweerder heeft namens zijn cliënten een stuk, te weten een brief van de klinisch geriater (specialist voor ouderdomsziekten) van de cliënte van klager aan haar huisarts, overgelegd. Klager is van mening dat verweerder een onderzoek had moeten instellen naar de wijze waarop zijn cliënten, voor zover de bescheiden door zijn cliënten aan hem waren verstrekt, in het bezit zijn gekomen van dit document. Door het toevoegen als productie van deze brief, heeft de advocaat volgens de klager in strijd gehandeld met de gedragsregels en daarmee de medische geheimhouding geschonden.

Het oordeel luidt dat de advocaat een grote vrijheid toekomt de belangen van zijn cliënt te behartigen op de wijze die hem passend voorkomt. Ook al zou op de wijze van verkrijging van een bewijsstuk wat zijn aan te merken, dan betekent dat nog niet dat een advocaat tuchtrechtelijk verwijtbaar handelt door dit stuk in een procedure over te leggen. De advocaat heeft een grote mate van vrijheid, maar de rechter houdt hierbij rekening met alle omstandigheden van het geval. Hierbij valt te denken aan de ernst van de gemaakte inbreuk op de rechten van de wederpartij en het belang dat de andere partij heeft bij die overlegging. Een advocaat die een hem door zijn cliënt ter beschikking gesteld bewijsstuk in het geding brengt, zal dan ook, behoudens bijzondere omstandigheden, in het algemeen niet tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen.

In dit geval heeft de tuchtrechter geoordeeld dat de klacht niet gegrond is. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden en de advocaat had een redelijk belang bij het in het geding brengen van dit medische stuk.

 

Conclusie

Zoals uit beide uitspraken blijkt, is het lastig een inschatting te maken van het al dan niet schenden van het medisch beroepsgeheim. Het is erg afhankelijk van de belangen die de advocaat bij het stuk heeft. Op wat voor manier het stuk verkregen is, is van minder groot belang.

 

Voor vragen over dit onderwerp, neem gerust contact op of laat hieronder een reactie achter.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *